Korte samenvatting van de beslissing:
De onderzoekscel van de VRM heeft de online video’s van Ghislaine Handiri, op de platformdiensten Instagram en TikTok aan een onderzoek onderworpen, dit in de periode van 1 februari 2026 tot en met 28 februari 2026.
Het monitoringsonderzoek had betrekking op volgende profielen en kanalen:
- ‘handirighislaine’ (Instagram) en ‘ghislainehandiri’ (TikTok)
Aanleiding voor het onderzoek waren indicaties dat commerciële communicatie niet gemakkelijk als zodanig herkenbaar werd gemaakt in eerdere door Ghislaine Handiri online geplaatste video’s op deze platformen.
Reeds eerder (27 januari 2022 en 24 januari 2025) werd Ghislaine Handiri door de onderzoekscel van de VRM gecontacteerd naar aanleiding van door haar online geplaatste video’s waarin mogelijk commerciële communicatie niet gemakkelijk als zodanig herkenbaar werd gemaakt. Daarbij werd telkens duidelijk gewezen op de betreffende verplichtingen uit het Mediadecreet en werd ook verwezen naar de VRM-website voor meer informatie rond de regelgeving en meer bepaald het ‘Content Creator Protocol’ van de VRM.
Beslissing van de VRM:
Uit het onderzoeksrapport blijkt dat Ghislaine Handiri tijdens de onderzochte periode drie video’s met commerciële communicatie online heeft geplaatst waarbij de drie elementen uit het CCP telkens niet cumulatief aanwezig waren.
Wat de herkenbaarheid van de betrokken commerciële communicatie betreft, werd in twee video’s de vermelding “advertentie” of “publiciteit” helemaal niet toegevoegd. Hierdoor is de aanwezige commerciële communicatie niet gemakkelijk als zodanig herkenbaar voor de volgers en kijkers. In een derde video werd de vermelding “ad” toegevoegd, maar dit volstaat niet om commerciële communicatie gemakkelijk als zodanig herkenbaar te maken. Een afkorting zoals “ad” is immers onduidelijk en geeft niet op een heldere wijze aan dat er sprake is van een ‘advertentie’.
In de drie video’s werden de betrokken merken wel vermeld.
De VRM besluit dat Ghislaine Handiri, bij de drie betreffende video’s die zij tijdens de onderzochte periode online heeft geplaatst, commerciële communicatie niet als dusdanig gemakkelijk herkenbaar heeft gemaakt. Bijgevolg heeft zij de bepalingen van artikel 53 van het Mediadecreet geschonden.
Bij het bepalen van de sanctie wordt rekening gehouden met het gegeven dat dergelijke inbreuk voor het eerst bij VRM-beslissing wordt vastgesteld bij Ghislaine Handiri.
De VRM besluit Ghislaine Handiri te waarschuwen.