Korte samenvatting van de beslissing:
De onderzoekscel van de VRM heeft de online video’s van Josefien Weyns, op de platformdiensten Instagram, TikTok en YouTube aan een onderzoek onderworpen, dit in de periode van 1 februari 2026 tot en met 28 februari 2026.
Het monitoringsonderzoek had betrekking op volgende profielen en kanalen:
- ‘josefienweyns’ (Instagram, TikTok en YouTube)
Aanleiding voor het onderzoek waren indicaties dat commerciële communicatie opnieuw niet gemakkelijk als zodanig herkenbaar werd gemaakt in door Josefien Weyns online geplaatste video’s, zoals eerder werd vastgesteld bij VRM-beslissing nr. 2025/005 van 13 januari 2025.
Beslissing van de VRM:
Uit het onderzoeksrapport blijkt dat Josefien Weyns tijdens de onderzochte periode drie video’s met commerciële communicatie online heeft geplaatst waarbij de drie elementen uit het CCP telkens niet cumulatief aanwezig waren.
Wat de herkenbaarheid van de betrokken commerciële communicatie betreft, blijkt uit de beelden en de vaststellingen dat slechts bij één van de drie video’s enige aanduiding in die zin werd gebruikt. In die video werd weliswaar het woord “advertentie” vermeld, maar dit niet aan het begin van de beschrijving. Daardoor is deze vermelding voor de kijkers niet bij de eerste oogopslag duidelijk zichtbaar, aangezien zij eerst op de beschrijving of op “meer” moeten klikken. Om duidelijk te wijzen op de aanwezigheid van commerciële communicatie, dient een aanduiding echter duidelijk zichtbaar te zijn op het ogenblik dat de video begint te spelen.
De andere twee video’s bevatten geen label dat op commerciële communicatie kon wijzen.
In twee van de drie video’s werden de betrokken merken wel vermeld, maar dit volstaat niet om de commerciële communicatie gemakkelijk als zodanig herkenbaar te maken.
De VRM besluit dat Josefien Weyns, bij de drie betreffende video’s die zij tijdens de onderzochte periode online heeft geplaatst, commerciële communicatie niet als dusdanig gemakkelijk herkenbaar heeft gemaakt. Bijgevolg heeft zij de bepalingen van artikel 53 van het Mediadecreet geschonden.
Bij het bepalen van de sanctie wordt enerzijds rekening gehouden met het gegeven dat Josefien Weyns heeft verklaard dat stappen werden genomen om volledige conformiteit te verzekeren in de toekomst. Anderzijds houdt de VRM er rekening mee dat het gaat om ernstige inbreuken en dat Josefien Weyns reeds eerder werd gewaarschuwd voor soortgelijke inbreuken, zodat er sprake is van recidive.
De VRM besluit Josefien Weyns een administratieve geldboete van 1.500 euro op te leggen.