Verslag symposium - Connected TV : De
(Vlaamse) mediasector onder druk ?! - 5 december 2012
Op woensdag 5 december 2012 organiseerde de
Vlaamse Regulator voor de Media het symposium 'Connected
TV: De (Vlaamse) mediasector onder druk ?!'
Het symposium werd geopend door Dirk Peereman,
griffier van de algemene kamer van de Vlaamse Regulator voor de
Media. Hij verontschuldigde gedelegeerd bestuurder Joris Sels
wegens ziekte. De probleemstelling werd geschetst door
Katia Segers, voorzitster van de raad van bestuur
van de VRM.
Centraal op het symposium stonden verschillende vragen. Is
Connected TV een succes of kan het dat worden? Welke zal de
impact zijn op de Vlaamse mediasector? Worden de bestaande
machtsverhoudingen in de mediasector onder druk gezet? Kennen we
binnen enkele jaren nog traditionele omroepen die ons een volledig
programmaschema aanbieden? Kijken we internationale series via die
traditionele omroepen of worden de series door de producent
rechtstreeks aan de consument aangeboden?
Na deze probleemstelling volgde een paneldebat, gemodereerd door
VRT-journalist Marc Van de Looverbosch, met
volgende sprekers:
- Mevrouw Ann Glorieus (Sony Belgium)
- De heer Steven Tas (Belgacom)
- De heer Stefan De Keyser (voorheen SBS
Belgium)
- Mevrouw Emilie Anthonis (Association of
Commercial Television in Europe)
Ann Glorieus beklemtoonde dat Connected
TV een relatief nieuw verschijnsel is. Opvallend is dat
hoewel er heel veel televisietoestellen verkocht worden die op het
internet kunnen aangesloten worden, de meeste televisiekijkers er
geen gebruik van maken. De Belgische televisiekijker is zeer
traditioneel ingesteld wat ook blijkt uit het feit dat hij pas tot
vervanging van zijn televisietoestel overgaat na gemiddeld 8 à 10
jaar.
Steven Tas verklaarde dat we de uitdaging die
Connected TV biedt niet uit de weg mogen gaan. Belgacom is
steeds op zoek naar nieuwe mogelijkheden die binnen haar aanbod
zouden kunnen worden ingepast. Connected TV vormt er daar één
van. Het is zeker geen bedreiging, maar eerder een medium dat als
complementair moet worden gezien.
De vertegenwoordiger van Belgacom onderstreepte voorts vooral
het belang van een goed functionerend medialandschap. Door de
snelle technologische evoluties bereik je dit niet door
continu de regelgeving aan te passen of defensief te reageren
tegenover elke nieuwe verandering, maar wel door onderlinge
verstandhouding en overleg met alle spelers in het werkveld.
Voor Belgacom is het ook van belang dat er een level playing
field is. Hier ligt een belangrijke taak weggelegd voor
regulatoren omdat zij er moeten op toezien dat de lat voor iedereen
gelijk wordt gelegd. Dit betekent dat Google TV en Apple TV op
dezelfde manier moeten worden behandeld als de traditionele
omroepen. Wat Connected TV betreft, wordt voorts vooral
uitgekeken naar de visie van de Europese Commissie en het Groenboek
dat die in januari 2013 zal publiceren en waarop alle betrokken
partijen zullen kunnen reageren.
Stefan De Keyser onderstreepte dat Connected TV
vele opportuniteiten biedt. Het zal de traditionele lineaire
televisie echter nooit volledig kunnen vervangen. Wel zullen
er aanzienlijke verschuivingen komen binnen het medialandschap,
mede door de talrijke technologische innovaties. Hij wees er
daarbij op dat er duidelijke financieringsmodellen moeten zijn die
ervoor zorgen dat de aanbieders van content kunnen blijven
investeren in lokale content.
Hij verklaarde dat technologische innovaties zoals 'Uitgesteld
Kijken' moeten worden gestimuleerd, maar dit mag niet ten koste
gaan van de omroepen, die uiteindelijk instaan voor het maken van
lokale producties. Ook de dienstenverdelers dienen hun
verantwoordelijkheid op te nemen.
Emilie Anthonis verklaarde dat televisie bij
uitstek een lean back medium is, waar kijkers gebruik van
maken om zich te ontspannen. Ondertussen gebruiken jongere kijkers
televisie vooral als een lean forward medium,
waarbij sociale media en interactie de centrale begrippen zijn.
Deze behoefte wordt ingevuld via tablets en laptops die als
second screen worden gebruikt.
Ze verklaarde dat technologische innovatie zeer belangrijk is,
maar dat er ook moet voor worden gewaakt dat hierdoor de
investeringen in lokale content niet verdwijnen. De verhouding
tussen de dienstenverdelers en de omroepen dient dringend te worden
geherdefinieerd waarbij er een vorm van signaalintegriteit komt
waarbij de omroepen de controle over het signaal kunnen houden.
In zijn slotwoord beklemtoonde professor Erik
Dejonghe dat het slagen van nieuwe technologie afhankelijk
is van technologische, economische en sociale factoren. Op
dit moment is het echter nog niet duidelijk hoe de verdere evolutie
precies zal gebeuren. Hij stelde wel vast dat
dienstenverdelers en omroepen een permanente strijd voeren die
uiteindelijk niemand ten goede komt.
Hij waarschuwde de omroepen en dienstenverdelers dat wanneer ze
met getrokken messen tegenover elkaar blijven staan, buitenlandse
mediagroepen munt zullen proberen te slaan uit deze situatie. Hij
riep daarom op om tot een vreedzaam overleg, een soort 'Poupehan'
van de Vlaamse media, te komen.
Extra info :
Presentatie Erik
Dejonghe (pdf)
Artikel De Morgen - 07/12/12 - "Tijd voor een vreedzaam overleg
tussen omroepen en distributeurs (nieuw
venster)
Katia Segers

Tijd voor wat interactie met de zaal

Het panel

Slotwoord Erik Dejonghe

Publiek
Archief
Verslag symposium 2011: Mediaconcentratie: kansen en bedreigingen
in Vlaanderen
Verslag
symposium 2010: nieuwe trends in televisiereclame